Fluoxetine

Fluoxetine (Prozac): bijwerkingen, ervaringen, afbouwen en ontwenning

Fluoxetine is een populair SSRI-antidepressivum, bekend onder de merknaam Prozac, dat volgens cijfers van het Zorginstituut Nederland jaarlijks door ruim 60.000 Nederlanders gebruikt wordt. Het medicijn beïnvloedt de balans van de neurotransmitter serotonine in de hersenen voor zijn werking. Het wordt door artsen voorgeschreven bij de behandeling van depressie, angststoornissen, dwangstoornis (OCD) en als onderdeel van een behandeling bij boulimia nervosa.

Fluoxetine is niet lichamelijk verslavend, maar bij langdurig gebruik treedt wel lichamelijke gewenning op. Stoppen met fluoxetine leidt zo tot ontwenningsklachten en moet daarom zorgvuldig worden gemanaged. Door de zeer lange halfwaardetijd van fluoxetine verdwijnt het medicijn gelukkig erg geleidelijk uit het bloed, waardoor ontwenningsklachten over het algemeen een stuk milder verlopen dan bij kortwerkende antidepressiva.

Deze pagina geeft een overzicht van de werking van fluoxetine, mogelijke bijwerkingen en gevaarlijke interacties die het medicijn heeft met andere middelen. Ook geeft het uitleg over een veilig afbouwtraject en waarom fluoxetine gebruikt wordt als overstapmiddel bij het stoppen met andere antidepressiva.


Wat is fluoxetine?

Fluoxetine is een antidepressivum uit de groep SSRI’s, bekend onder de merknaam Prozac. Dit type medicijn beïnvloedt de huishouding van serotonine in de hersenen, een signaalstof die een belangrijke rol speelt bij het reguleren van de stemming, emoties en angst. SSRI staat voor Selective Serotonin Reuptake Inhibitor (selectieve heropnameremmer van serotonine). Op onze SSRI-pagina lees je alles over deze medicijnen en hun werking.

Artsen schrijven fluoxetine voor bij verschillende indicaties, waaronder depressie (vooral bij ernstige of langdurige somberheid en depressieve episoden), obsessief compulsieve stoornis (OCS), angststoornissen, en als hulpmiddel bij de eetstoornis boulimia nervosa. Fluoxetine (Prozac) wordt soms ook off-label gebruikt bij mensen met prikkelbaredarmsyndroom.


Hoe werkt fluoxetine?

Fluoxetine werkt door de heropname van serotonine in de hersenen te remmen. Serotonine is een neurotransmitter (of signaalstof) die in de hersenen betrokken is bij vitale functies zoals de stemming, emotionele balans, slaap en eetlust. Normaal gesproken wordt vrijgekomen serotonine door de hersencellen snel weer opgenomen. Fluoxetine blokkeert deze heropname, waardoor er tijdelijk meer serotonine beschikbaar blijft in de ruimte tussen de zenuwcellen. Dit helpt om meer signalen tussen hersengebieden te sturen.

Bij mentale klachten werkt het serotonine heropname-mechanisme vaak te snel of wordt er standaard te weinig serotonine afgegeven, volgens een studie uit 2012 in Journal of Pharmacy and Pharmacology. De onbalans in serotonine die zo ontstaat is de oorzaak van symptomen zoals angst, dwang en somberheid. De werking van fluoxetine helpt om meer serotonine beschikbaar te houden zodat signalen tussen hersengebieden verbeteren, volgens onderzoekers van de Universiteit van Kopenhagen in Molecular pharmacology. Dit zorgt dat de mentale klachten als angst, dwang en somberheid kunnen verminderen.

De werking van fluoxetine treedt niet meteen op. Gemiddeld duurt het twee tot zes weken voor fluoxetine werkt en het therapeutische effect merkbaar is, volgens een klinische studie onder gebruikers in American Journal of Psychiatry. De hersenen hebben tijd nodig om zich aan te passen aan de andere serotonineniveaus. Bijwerkingen kunnen wel sneller optreden, al in de eerste weken van het gebruik. Het is daarom belangrijk om het medicijn volgens voorschrift te blijven gebruiken en de behandeling de tijd te geven die nodig is om aan te slaan.

De lange halfwaardetijd van fluoxetine

Een van de unieke eigenschappen van fluoxetine is de bijzonder lange halfwaardetijd, volgens Italiaanse onderzoekers in Clinical pharmacokinetics. De halfwaardetijd is de tijd die het lichaam nodig heeft om de concentratie van een stof in het bloed te halveren. Veel andere SSRI’s hebben een halfwaardetijd van ongeveer 1 tot 2 dagen. De halfwaardetijd van fluoxetine is gemiddeld 2 tot 6 dagen, volgens een studie uit 2021 in The Journal of Clinical Pharmacology. De stof blijft zo veel langer in het lichaam actief dan andere antidepressiva.

Het lichaam zet fluoxetine ook om in de actieve stof norfluoxetine tijdens het afbreken in de lever. Als afbraakproduct heeft norfluoxetine dezelfde eigenschappen als fluoxetine zelf. Het bezet serotoninetransporters in de hersenen om de heropname van serotonine te remmen. De halfwaardetijd van norfluoxetine is alleen nog langer (gemiddeld 1 tot 2 weken), volgens een rapport uit 2021 in het wetenschappelijke blad Pharmaceutics. Dit betekent dat het medicijn fluoxetine en zijn werkzame afbraakproduct norfluoxetine na de laatste inname nog wekenlang in het bloed aanwezig zijn en langzaam uit het lichaam verdwijnen.

Drie kenmerken die het afbouwen van fluoxetine onderscheiden van andere antidepressiva

De lange halfwaardetijd van fluoxetine en zijn afbraakproduct betekenen dat er een natuurlijke buffer is tegen ontwenning. De spiegel van de stof in het bloed daalt heel geleidelijk, waardoor het zenuwstelsel de tijd krijgt om zich aan te passen. Ontwenningsverschijnselen bij het stoppen met fluoxetine zijn zo een stuk milder dan bij antidepressiva met een korte halfwaardetijd, volgens klinisch onderzoek naar fluoxetine in Biological psychiatry. Ook komen ze later voor. Het duurt soms twee tot vier weken na de laatste fluoxetine inname voordat ontwenningsklachten of een terugval in symptomen zichtbaar worden, volgens onderzoekers van King’s College London in The Lancet Psychiatry.


Wat zijn de bijwerkingen van fluoxetine?

De bijwerkingen van fluoxetine zijn onder meer maag-darmklachten, hoofdpijn, angst en onrust. Belangrijke bijwerkingen van fluoxetine zijn hieronder opgesomd, opgesplitst in veelvoorkomende bijwerkingen en zeldzame, ernstige bijwerkingen.

Veelvoorkomende bijwerkingen

  • Misselijkheid en maag-darmklachten: Fluoxetine prikkelt het spijsverteringsstelsel. Vooral in de eerste weken kan dit leiden tot misselijkheid, diarree of een droge mond, volgens de bijsluiter van het medicijn. Het herstelt meestal naarmate de behandeling vordert.
  • Hoofdpijn: Het aanpassen van de serotoninespiegel veroorzaakt regelmatig beginnende hoofdpijn. Dit is een van de meest gemelde opstartverschijnselen bij fluoxetine en verdwijnt meestal vanzelf, volgens een studie uit 2005 in Pharmacopsychiatry.
  • Slaapproblemen en slapeloosheid: Veel fluoxetine gebruikers hebben moeite met inslapen of doorslapen, volgens een vergelijkende studie naar SSRI’s uit 2025 in Pharmaceuticals. Dit wordt veroorzaakt door de stimulerende eigenschappen van fluoxetine. Het innemen van de dosis in de ochtend kan helpen om de nachtrust te beschermen.
  • Onrust en innerlijke rusteloosheid: Veel antidepressiva hebben een verdovende (sederende) werking, maar fluoxetine werkt juist activerend, volgens onderzoekers van de Universiteit van Verona in het vakblad Pharmaceuticals. De activerende werking van fluoxetine zorgt in de opstartfase soms voor een opgejaagd gevoel, tremoren (trillende handen) of lichamelijke spanning. Wel is er een positieve kant van dit effect, fluoxetine vermindert slaapverlamming waar sommige patiënten mee worstelen.
  • Verminderde eetlust: Fluoxetine remt de eetlust, volgens een klinische studie in The Cochrane database of systematic reviews, wat kan leiden tot gewichtsverlies. Het effect is vooral zichtbaar in de eerste periode van gebruik en stabiliseert meestal na verloop van tijd.
  • Seksuele bijwerkingen: Gebruik van SSRI’s zorgt bij sommige gebruikers voor een verminderd libido, problemen met het krijgen van een erectie of moeite met het bereiken van een orgasme. Deze bijwerkingen kunnen ook bij langduriger gebruik blijven bestaan, volgens een Amerikaans onderzoek uit 2002 in International Journal of Neuropsychopharmacology.

Zeldzame en ernstige bijwerkingen

  • Toename suïcidale gedachten: De activerende werking van fluoxetine treedt in de eerste weken sneller op dan de stemmingsverbetering, volgens onderzoekers van de Universiteit van Oxford in een studie uit 2006. Innerlijke onrust en gedachten aan zelfdoding nemen in deze periode tijdelijk toe bij sommige fluoxetine gebruikers, met name bij jongeren en jongvolwassenen onder de 25 jaar. Neem direct contact op met de behandelend arts of de huisartsenpost bij het waarnemen van deze bijwerking.
  • Serotoninesyndroom: Het serotoninesyndroom is een zeldzame, levensbedreigende reactie door een te hoge serotoninespiegel in de hersenen. Het kan optreden bij overdosering van fluoxetine of Prozac, of bij combinatie met andere serotonine-verhogende middelen. Signalen van het serotoninesyndroom zijn onder meer hoge koorts, verwarring, extreme rusteloosheid, stijve spieren en hartkloppingen. Raadpleeg bij deze symptomen direct spoedeisende hulp.
  • Ernstige allergische reacties: In zeldzame gevallen ontstaat bij gebruik van fluoxetine een ernstige overgevoeligheidsreactie. Dit kan zorgen voor huiduitslag, een gezwollen gezicht, lippen of tong, en ademhalingsproblemen. Onmiddellijke medische hulp is vereist bij deze symptomen.

Ervaringen met fluoxetine

Fluoxetine gebruikers zijn redelijk positief over het medicijn, volgens gedeelde ervaringen op gebruikersfora zoals MijnMedicijn.nl en Dokter.nl. Het helpt met het verminderen van depressieve gevoelens, onrust en angst. Het medicijn is in de eerste weken echter niet ‘leuk’ om te gebruiken, doordat bijwerkingen zoals misselijkheid en onrust overheersen en het therapeutische effect nog niet merkbaar is. Vooral de eerste 2 tot 4 weken zijn daarom het zwaarst van het behandeltraject, blijkt uit een onderzoek uit 2007 onder 700 patiënten in The Journal of Clinical Psychiatry.

Gebruikers zijn verdeeld over het activerende effect dat fluoxetine heeft. Patiënten die last hadden van passiviteit, vermoeidheid of lusteloosheid, ervaren vaak dat fluoxetine ze weer ‘in beweging’ krijgt en de mentale mist doet optrekken. Gebruikers die juist al snel zich gejaagd voelen of last hebben van angst, ervaren de activerende werking juist als een voortdurende vervelende innerlijke rusteloosheid of slapeloosheid.

Emotionele afvlakking is een veelgenoemde ervaring voor wie fluoxetine gebruikt voor langere tijd, volgens Italiaanse onderzoekers in Clinical Neuropsychiatry. Gebruikers merken op dat ze minder diepe dalen van somberheid ervaren, maar ook minder pieken van vreugde of enthousiasme voelen. Daarnaast melden veel gebruikers een duidelijke afname in de zin in seks, of moeite met het bereiken van een orgasme. Dit is een bijwerking die vaak een reden is om te willen afbouwen, volgens een kwalitatieve studie door de Universiteit van Arizona in Clinical Neuropsychiatry.

Het afbouwen van fluoxetine valt voor veel mensen mee. Gebruikers reageren soms verrast door hun eerdere, uitdagende ervaring met het afbouwen van andere SSRI’s dat wel leidde tot heftige ontwenningsklachten zoals ‘brain zaps‘ en extreme prikkelbaarheid. Doordat fluoxetine en z’n actieve afbraakproduct wekenlang langzaam uit het bloed verdwijnen, ervaren gebruikers de overgang als zeer geleidelijk. Wel benadrukken ervaringsdeskundigen dat een voorzichtig afbouwschema essentieel blijft, volgens een studie uit 2019 in The Lancet Psychiatry. Hieronder wordt het veilig afbouwen van fluoxetine uitgebreid toegelicht.

Is fluoxetine verslavend?

Nee, fluoxetine is lichamelijk niet verslavend maar zorgt wel voor lichamelijke gewenning. Dit betekent dat wie fluoxetine gebruikt geen cravings ontwikkelt, maar het lichaam zich wel aanpast aan de aanwezige stof. Plotseling stoppen met fluoxetine kan zo leiden tot lichamelijke en psychische klachten. In medische termen heet dit niet een ontwenningsfase van een verslaving, maar het antidepressivumdiscontinueringssyndroom (ADS).

Bij fluoxetine heeft de lichamelijke gewenning een specifieke nuance, volgens psychiater-onderzoeker Bryan Shapiro in Journal of Psychiatry and Neuroscience. Door de extreem lange halfwaardetijd van fluoxetine en het actieve afbraakproduct verdwijnt de stof heel geleidelijk uit het bloed. Dit zorgt voor een bijna natuurlijk afbouwproces, waardoor ontwenningsklachten veel milder verlopen dan bij de meeste andere antidepressiva.

Hoewel symptomen in de periode van het stoppen met fluoxetine milder zijn, betekent dit niet dat zorgvuldig afbouwen overbodig is. Zeker bij hogere doseringen of langdurig gebruik van fluoxetine is het belangrijk om de dosis stapsgewijs te verlagen in overleg met een arts, volgens artsen in Deutsches Ärzteblatt International. Zo kan veilig en succesvol worden gestopt met fluoxetine.


Hoe bouw je fluoxetine af?

Je bouwt fluoxetine geleidelijk af, in overleg met je arts. De specifieke eigenschappen van het medicijn maken stoppen met fluoxetine relatief makkelijk als het gaat om het afbouwen van antidepressiva. Toch blijft een gestructureerde aanpak noodzakelijk om het zenuwstelsel rustig te laten wennen aan een dalende spiegel, volgens de Deense klinisch psycholoog en onderzoeker Anders Sørensen in Therapeutic advances in psychopharmacology.

Bij kortwerkende SSRI’s (zoals paroxetine en venlafaxine) daalt de hoeveelheid van het medicijn in het bloed erg snel wanneer je een dosis overslaat of stopt. Dit veroorzaakt plotselinge en heftige ontwenningsklachten. Zoals uitgelegd op deze pagina heeft fluoxetine een uitzonderlijk lange halfwaardetijd. Ook vormt het in de lever de afbraakstof norfluoxetine die ook zelf actieve effecten heeft.

Omdat deze stoffen pas over een periode van meerdere weken langzaam uit het bloed verdwijnen, is er in feite een natuurlijke buffer. Die zorgt ervoor dat het fluoxetine afbouwproces voor de meeste gebruikers veel milder verloopt dan bij andere antidepressiva, volgens een studie uit 2002 in International clinical psychopharmacology naar de ontwenningsfase bij antidepressiva.

De lange aanwezigheid in het lichaam heeft ook een belangrijke valkuil. Mensen die stoppen met fluoxetine voelen zich de eerste twee tot drie weken vaak prima. Ontwenningsverschijnselen of een terugval in symptomen kan pas drie tot zes weken na de laatste pil merkbaar worden, volgens onderzoek uit 2015 in Psychotherapy and psychosomatics. Deze vertraagde reactie verrast veel gebruikers en kan zo leiden tot terugval in gebruik. Het is belangrijk om klachten die pas weken later ontstaan niet direct te verwarren met een terugval van de oorspronkelijke aandoening.

In het afbouwschema hieronder wordt getoond hoe het fluoxetine afbouwen eruit ziet bij een standaard afbouwtraject.

FaseVerandering doseringToelichting
Startfase–Uitgangssituatie van 20 mg fluoxetine, altijd dosering vastgesteld in overleg met uw arts
Week 1 – 2Vaste 20 mg dosering om de dag of een verlaging naar 10 mg per dagEerste verlaging in overleg met arts
Week 3 – 410 mg om de dagVerdere reductie van de spiegel
Week 5+Naar 0 mgMonitoring voor 4 tot 6 weken na de laatste inname

Voor wie op een zeer lichte dosering fluoxetine zit of extra gevoelig is voor schommelingen, kan de stap van de laagste standaarddosering (meestal fluoxetine 20 mg) naar nul nog steeds te groot zijn. In overleg met de arts of apotheker kan dan gebruik worden gemaakt van taperingstrips. Dit zijn op maat gemaakte medicijnstrips waarin de dosis per dag heel licht afneemt.

Fluoxetine als overstapmiddel bij het afbouwen van andere antidepressiva

In bepaalde gevallen wordt fluoxetine gebruikt als overstapmiddel voor het afbouwen van kortwerkende antidepressiva. In het Engels heet dit switchen van antidepressiva ook wel de Prozac bridge. Bij deze methode vervangt de arts het moeilijk af te bouwen antidepressivum door een gelijkwaardige dosis fluoxetine. Zodra de patiënt stabiel is op de fluoxetine, wordt het afbouwproces vanaf dat middel voortgezet.

Het afbouwen van antidepressiva met een zeer korte halfwaardetijd (zoals paroxetine of venlafaxine) verloopt voor een deel van de gebruikers met veel moeite, blijkt uit een studie uit 2019 in Addictive behaviors. Deze middelen verdwijnen snel uit het bloed, waardoor bij elke kleine afbouwstap een scherpe daling van de bloedspiegel volgt met heftige ontwenningsklachten. Denk aan klachten zoals hevige duizeligheid, ‘elektrische schokjes’ in het hoofd (brain zaps), extreme prikkelbaarheid en misselijkheid.

Het gebruik van fluoxetine als overstapmiddel helpt om deze scherpe dalen te voorkomen, volgens onderzoeker Franco Benazzi in International Journal of Neuropsychopharmacology. De lange halfwaardetijd van fluoxetine en het actieve afbraakproduct norfluoxetine geeft ook een ingebouwde geleidelijkheid. Het lichaam breekt de stof zo traag af dat de bloedspiegel automatisch in een erg flauwe, geleidelijke lijn daalt. Zo krijgt het zenuwstelsel een minder harde schok en verkleint de kans op (ernstige) ontwenningsklachten.

Fluoxetine gebruikt als overstapmiddel is een bewezen hulpmiddel in de psychiatrische praktijk. Het is alleen geen methode om zelf mee te experimenteren. Het switchen tussen verschillende antidepressiva vereist een nauwkeurige berekening van de dosering om een gevaarlijk serotoninesyndroom of een plotseling ontwenningsgat te voorkomen. De behandelend arts of psychiater maakt altijd de afweging of deze overstaproute geschikt is voor jouw specifieke situatie.

In de tabel hieronder wordt een overzicht gegeven van verschillende antidepressiva, hun halfwaardetijd en de zwaarte van het stoppen.

MiddelKlasseHalfwaardetijdZwaarte ontwenning
FluoxetineSSRIzeer langmild
SertralineSSRIgemiddeldmatig
CitalopramSSRIgemiddeldmatig
ParoxetineSSRIkortzwaar
VenlafaxineSNRIkortzwaar

Wat zijn de ontwenningsverschijnselen van fluoxetine?

Ontwenningsverschijnselen van fluoxetine zijn lichamelijke verschijnselen zoals duizeligheid en misselijkheid, prikkelbaarheid, slaapproblemen en brain zaps. Vanwege de lange halfwaardetijd beginnen deze onttrekkingsverschijnselen vaak pas één of een paar weken na het stoppen. Omdat het stoppen met Prozac (fluoxetine) in de eerste week moeiteloos lijkt te gaan, verrast dit veel gebruikers. Hieronder zijn de belangrijke ontwenningsverschijnselen van fluoxetine opgesomd.

  • Duizeligheid: Licht voelen in het hoofd of een draaierig gevoel hebben, vooral bij plotseling opstaan of het maken van een snelle hoofdbeweging.
  • Griepachtige klachten: Symptomen die lijken op een beginnende griep, zoals spierpijn, lusteloosheid, vermoeidheid, lichte hoofdpijn en koude rillingen. Dit is een manier waarop het lichaam reageert op het gebrek aan fluoxetine, volgens een studie uit 2007 in Advances in Psychiatric treatment.
  • Prikkelbaarheid: Tijdens de afbouwfase kunnen emoties schommelen. Een ‘korter lontje’, onverwachte huilbuien, innerlijke onrust of snelle irritatie komen regelmatig voor terwijl de hersenen zoeken naar een nieuwe balans.
  • Slaapproblemen: Het slaappatroon raakt tijdelijk verstoord. Dit betekent moeite hebben met inslapen, onrustig doorslapen of last krijgen van ongewoon levendige, intense dromen en nachtmerries.
  • Maag-darmklachten: Maagklachten, misselijkheid, prikkelbaredarmsyndroom verschijnselen, of een verminderde eetlust. De signaalstof serotonine speelt naast de hersenen namelijk ook een grote rol in het maag-darmkanaal, volgens onderzoekers van de Universiteit van Bologna in Psychotherapy and psychosomatics.
  • Brain zaps: Hele korte, elektrische schokjes in het hoofd of achter de ogen. Het is relatief zeldzaam bij fluoxetine in vergelijking met korter werkende antidepressiva, volgens een wetenschappelijk rapport uit 2018 in The Primary Care Companion For CNS Disorders. Lees ons uitgebreide artikel over brain zaps als je meer wilt weten over dit verschijnsel.
Overzicht van de ontwenningsverschijnselen die kunnen optreden bij het stoppen met fluoxetine

Fluoxetine in combinatie met alcohol en andere middelen

De werkzame stof fluoxetine kan in het lichaam worden beïnvloed door andere stoffen, waaronder alcohol, overige medicatie en zelfs natuurlijke supplementen. Het combineren van fluoxetine met deze middelen versterkt mogelijk bijwerkingen en kan gevaarlijke interacties veroorzaken. In de lijst hieronder worden belangrijke interacties van fluoxetine opgesomd aan de hand van het soort middel.

  • Fluoxetine en alcohol: Het gebruik van alcohol wordt afgeraden tijdens een behandeling met fluoxetine. Alcohol versterkt mogelijke sufheid, een verminderde reactiesnelheid en een verstoorde concentratie, volgens een onderzoek naar SSIR-interacties met alcohol in Alcohol Research & Health. Alcohol heeft ook een dempend effect op het centrale zenuwstelsel en verstoort de balans van neurotransmitters in de hersenen. Regelmatig alcoholgebruik kan de symptomen van depressie of angst zo verergeren, waarmee alcohol het herstelproces van de behandeling met fluoxetine vertraagt of ondermijnt.
  • Fluoxetine en andere antidepressiva: De combinatie van fluoxetine met andere SSRI’s, SNRI’s of MAO-remmers zorgt voor een gevaarlijke verhoging van de serotoninespiegel. Dit kan leiden tot het levensgevaarlijke serotoninesyndroom.
  • Fluoxetine en pijnstillers: Sterke pijnstillers zoals tramadol of fentanyl verhogen in combinatie met fluoxetine ook het risico op het serotoninesyndroom. Standaard ontstekingsremmende pijnstillers (zoals ibuprofen, naproxen of aspirine) verhogen daarnaast de kans op maag-darmbloedingen.
  • Fluoxetine en kruidensupplementen: Natuurlijke middelen zoals Sint-Janskruid of 5-HTP verhogen de serotoninespiegel op een zelfde manier als antidepressiva. Samen met fluoxetine vergroten zij het risico op een overdosering van serotonine.
  • Fluoxetine en (party)drugs: Gebruik van middelen zoals MDMA (xtc) of amfetamines in combinatie met fluoxetine is erg gevaarlijk. Het kan leiden tot oververhitting, acute hartklachten en ook tot het serotoninesyndroom.

Let op! Vanwege de lange halfwaardetijd blijven fluoxetine en het afbraakproduct norfluoxetine nog wekenlang in het bloed. Dit betekent dat alle interactierisico’s en het gevaar op een serotoninesyndroom tot wel 5 tot 6 weken na het laatste tablet fluoxetine blijven bestaan, volgens een studie uit 2005 in Psychosomatics.


Hulp bij afbouwen of zorgen over je medicijngebruik

Het afbouwen van medicatie of het omgaan met vervelende bijwerkingen is een persoonlijk proces dat voor ieder anders is. Loop je vast bij het verminderen van je dosering? Ervaar je aanhoudende ontwenningsklachten? Of twijfel je of je kampt met een medicijnverslaving? Stel het zoeken naar hulp niet uit. Met professionele begeleiding en een passend plan kan het afbouwen van medicatie veiliger, rustiger en succesvol worden afgerond.

Zoek jij hulp bij het afbouwen van fluoxetine? Of maak je je zorgen om je medicijngebruik? Bel vrijblijvend en anoniem naar 020 – 532 0030 en krijg advies van onze medewerkers over de meest geschikte behandelopties in jouw situatie.


Veelgestelde vragen

Hoe lang duurt het voordat fluoxetine werkt?

Het duurt bij de meeste gebruikers twee tot zes weken voordat fluoxetine een merkbaar therapeutisch effect heeft. Wel kunnen in de eerste weken al bijwerkingen optreden, los van het therapeutische effect.

Is fluoxetine verslavend?

Fluoxetine is niet lichamelijk verslavend, maar zorgt wel voor lichamelijke gewenning. Dit betekent dat bij het stoppen met fluoxetine ontwenningsklachten kunnen ontstaan.

Wat is het verschil tussen fluoxetine en Prozac?

Geen, fluoxetine is de merkloze naam en Prozac is de merknaam van hetzelfde medicijn. Het maakt voor gebruikers in principe niet uit of ze het merkloze fluoxetine of Prozac gebruiken, tenzij er sprake is van een allergie voor de specifieke hulpstoffen bij het medicijn.

Kun je zomaar stoppen met fluoxetine?

Nee, zomaar stoppen zorgt voor ontwenningsklachten. Hoewel de ontwenningsfase bij fluoxetine minder heftig is dan bij veel andere antidepressiva, moet het middel altijd geleidelijk worden afgebouwd aan de hand van instructies van je arts.

Hoe lang blijft fluoxetine in je lichaam?

Fluoxetine en het actieve afbraakproduct norfluoxetine blijven na de laatste inname nog circa vier tot zes weken in je lichaam aanwezig.

Mag je alcohol drinken bij fluoxetine?

Het wordt sterk afgeraden. Alcohol versterkt bijwerkingen zoals sufheid, duizeligheid en verminderde concentratie. Ook heeft alcohol een ondermijnende werking op de behandeling omdat het symptomen van angst of depressie verergert.

Waarom wordt fluoxetine bij boulimia voorgeschreven?

Fluoxetine wordt bij boulimia nervosa voorgeschreven om eetbuien en compensatiegedrag te helpen verminderen. Het medicijn helpt de drang naar deze patronen te reguleren via de beïnvloeding van serotonine in de hersenen. Fluoxetine als medicijn voorschrijven bij boulimia nervosa gebeurt altijd als onderdeel van een gecombineerde behandeling, niet op zichzelf.

Kun je autorijden met fluoxetine?

Wie fluoxetine gebruikt kan over het algemeen rijden zolang er geen bijwerkingen optreden. Het medicijn heeft weinig negatieve invloed op de rijvaardigheid, volgens de classificatie op Rijveiligmetmedicijnen.nl van het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik.

Wordt fluoxetine ook voorgeschreven bij PTSS?

Ja, fluoxetine wordt soms off-label door artsen voorgeschreven bij een posttraumatische stressstoornis (PTSS). De invloed op serotonine kan helpen om posttraumatische stressstoornis verschijnselen te verminderen, zoals herbelevingen, extreme waakzaamheid en angst.

bel 020 - 532 0030

Ma-Vrij van 07:00 - 22:00